Goeienavond beste lezer, “Amai, dat is hier stil”: dat is zowat de meest gehoorde opmerking als iemand onze redactie bezoekt. Iedereen verwacht een enerverende drukte en in werkelijkheid zitten we als paters en nonnen stilletjes naar onze schermen te kijken. Een studerende student maakt meer lawaai dan een journalist van De Standaard. Die gewijde rust werd vanmorgen brutaal verstoord door Franstalige scholieren die met veel kabaal samentroepten rond het Centraal Station, en dus ook voor onze redactie. Het waren vrijwel uitsluitend kinderen, maar er zaten ook een paar relschoppers tussen en dus ontplofte de ene bom na de andere, er werd vuurwerk afgestoken, er sneuvelden een paar ramen en een bushokje, met deelfietsen werd een kampvuur gemaakt en verkeersborden vlogen door de lucht – niet al te hoog, want ze wogen te zwaar voor de jonge vandalen. Wat bij dit alles opviel, was dat ze nauwelijks protestborden in de handen hadden, zoals je op een betoging zou verwachten. Wel liep iedereen met een gsm in de hand om de rellen te filmen of een selfie te maken met de rellen in de achtergrond. “The revolution will not be televised” sprak Gil Scott-Heron in 1970 in zijn gelijknamige song. In 2026 wordt de revolutie daarentegen gefilmd vanuit duizenden hoeken tegelijk, door de revolutionairen zelf. PS: Een mooi moment was toen een jongen in het rumoer een moeilijk stappende oude man met een winkeltas ontdekte en hem vervolgens tot bij de politie begeleidde, af en toe kwaad roepend naar andere jongeren. Dat vond ik dan weer een foto waard. |