Goeienavond beste lezer, Als u aan het werk bent en u moet uw behoefte doen, dan kan u zich daar doorgaans even voor terugtrekken. Dat ligt iets moeilijker als u beroepsrenner bent, want dan speelt uw werk zich af op straat, en onder het oog van toeschouwers of andere renners. Dat lukt de ene mens al wat beter dan de andere. Een vindingrijke renner bedacht er iets op: hij wurmde een drinkbus in zijn broek en plaste vervolgens in de bus. Maar nog voor dat een trend kon worden, heeft de organisatie van de Giro dat nu uitdrukkelijk verboden. Want je zal maar de supporter zijn die zo'n vol geplaste drinkbus uit de berm vist. Het doet denken aan die keer dat Kevin Seeldraeyers in diezelfde Giro, maar dan zeventien jaar geleden, geplaagd werd door diarree. “Ik moest twee keer het bos in spurten”, vertelde hij toen na de rit in het Nieuwsblad. “En toen ik een derde keer moest, ging het veel te snel in het peloton. Dus zat er maar één ding op: me laten afzakken naar de volgwagen, truitje uit en broek naar beneden. En dan kakken in een koersklakske, dat ze onder mij hielden. Comfortabel is anders.” Ik probeer me voor te stellen wat er toen door het hoofd ging van de mecanicien die het klakske moest vasthouden. En wat de supporter dacht die het opraapte toen het uit de auto was gegooid. |