Goeienavond beste lezer, Wiskunde en ik, we zijn nooit echt beste vrienden geweest. De absolute basis, daar kon ik nog mee leven. Maar zodra in de klas de woorden sinus, cosinus, tangens en nog een hele reeks andere wiskundige marteltechnieken vielen, brak het angstzweet me uit. Mijn strategie was simpel: zo snel mogelijk mijn redder in nood bovenhalen – de Texas Instruments-rekenmachine. Al wie in de jaren 90 opgroeide en gezegend was met een eerder bescheiden wiskundeknobbel, weet precies waarover ik het heb. Toen ik naar het middelbaar ging, bepaalde één gouden regel mijn studiekeuze: zo weinig mogelijk uren wiskunde. Het resultaat? Op mijn achttiende was ik op wiskundig vlak vermoedelijk dommer dan op mijn twaalfde. Maar een complete nitwit ben ik niet, ontdekte ik dankzij de test van De Standaard. 7 op 10, lang geleden dat ik nog eens zo’n indrukwekkend rapportcijfer op een wiskundeproef had gescoord. Mijn twaalfjarige zelf zou trots zijn geweest. Benieuwd of er in u een wiskundige topper schuilt? Dan weet u wat u te doen staat. Veel rekenplezier, en moge uw rekenmachine u bijstaan. |