Goeienavond beste lezer, In de Denderstreek is de hiërarchie duidelijk, en ze loopt stroomafwaarts. In Dendermonde kijken ze neer op die van Aalst, want hun Ros Beiaardommegang is werelderfgoed, terwijl ze in Marginaalst niet verder komen dan een jaarlijkse braspartij met carnaval. In Aalst vinden ze die van Dendermonde maar lelijke snoevers en kijken ze tegelijk neer op die van Ninove met hun inspiratieloze carnavalstoet vanop Temu. Bovendien was Louis Paul Boon van Aalst, en heeft die eens niet bijna de Nobelprijs gewonnen? In Ninove vinden ze die van Aalst vreselijke opscheppers met een stinkende zetmeelfabriek in het hart van hun stad. Tegelijk kijken ze zelf wat meewarig naar die van Geraardsbergen, die in een stad wonen die het eindstation is van de boemeltrein tussen de Dendersteden: dat is dus zowat aan het einde van de beschaving. In Geraardsbergen vinden ze dat die van Ninove niet zo hoog van de toren moeten blazen, want de Omloop Nieuwsblad mag dan wel aankomen in Ninove, het mooiste punt van die wedstrijd ligt wel op eenzame hoogte in Geraardsbergen: op de Muur. Tegelijk kijken ze ook wat meewarig naar hun zuiderburen langs de Dender: want dat is Wallonië en dus min of meer ontwikkelingsgebied. Deze week raakte bekend dat ook Wetteren zich bij de Denderregio wil scharen, ook al ligt het niet aan de Dender. Welke verschuivingen in de hiërarchie dat teweeg zal brengen is nog niet duidelijk, maar wie in deze nieuwsbrief leest wat Cathérine De Kock van hun komst vindt, begrijpt dat ze niet met lelieblaadjes en rozenwater onthaald zullen worden. Maar zij is dan ook een opschepper uit Aalst. |